Isis Henriquez - van de Wetering - De Neef Advocaten

Compensatieregeling transitievergoeding 

Als uw werknemer langer dan twee jaar ziek is, hoeft u hem geen loon meer te betalen. Ook komt het opzegverbod bij ziekte te vervallen en mag u de arbeidsovereenkomst -met voorafgaande toestemming van UWV- opzeggen.

Omdat de werknemer door de opzegging recht krijgt op de transitievergoeding, lieten veel werkgevers de arbeidsovereenkomst maar doorlopen. Men noemt dat een ‘slapend’ dienstverband. Werkgevers vinden het niet rechtvaardig dat zij na twee jaar het loon doorbetaald te moeten hebben (naast de re-integratiekosten) ook nog een transitievergoeding moeten betalen als zij afscheid willen nemen van de zieke werknemer.

Bij een slapend dienstverband bestaat de arbeidsovereenkomst nog gewoon, alleen hoeft de werkgever het loon niet meer te betalen. Als de werkgever volgens UWV netjes aan zijn re-integratieverplichtingen heeft voldaan, eindigt de loondoorbetalingsplicht na 104 weken.

De werknemer met een slapend dienstverband blijft wel in dienst, maar heeft geen recht op loon zolang hij niet werkt omdat hij ziek is. De werknemer kan dan een WW of WIA-uitkering aanvragen. De enige verplichting die voor de werkgever nog bestaat is de werknemer als die weer beter wordt te laten re-integreren, al dan niet in aangepast werk.  

Het lijkt voor de werkgever een mooie oplossing, zo’n slapend dienstverband, maar toch kleven daar risico’s aan.

1) Als de werknemer weer (gedeeltelijk) beter wordt, zal de werkgever hem passende arbeid moeten aanbieden. U moet dus meewerken om hem weer aan het werk te krijgen en weer loon gaan betalen. Als de werknemer vier weken weer volledig aan de slag is geweest en weer ziek wordt, heeft hij weer twee jaar recht op loondoorbetaling.

2) Als u de werknemer op een later moment alsnog wilt ontslaan, heeft hij recht op een hogere transitievergoeding dan na die 104 weken het geval was. De hoogte van de transitievergoeding is namelijk afhankelijk van het aantal dienstjaren van de werknemer, waarbij ook de dienstjaren dat de werknemer geen recht op loon meer had, meetellen.

3) De werknemer met een slapend dienstverband telt ook mee bij de toepassing van het afspiegelingsbeginsel bij een reorganisatie.   

Om te voorkomen dat werkgevers dienstverbanden laten slapen, heeft de wetgever een compensatieregeling in het leven geroepen. Deze is ingegaan per 1 april 2020.

Werkgevers die een transitievergoeding hebben betaald aan werknemers die langer dan twee jaar ziek waren, krijgen een compensatie voor de betaalde vergoeding. De compensatie wordt betaald voor alle arbeidsovereenkomsten die zijn geëindigd vanwege langdurige ziekte. Of dat nu is door ontslag, door wederzijds goedvinden of omdat het tijdelijke contract was afgelopen. De compensatie wordt betaald uit het Algemeen Werkeloosheidsfonds, waardoor er wel een premieverhoging tegenover staat. 

De compensatie ziet alleen op de daadwerkelijk uitbetaalde transitievergoeding, maar het deel van de transitievergoeding dat verschuldigd is over de dienstjaren waarin het dienstverband slapend was, wordt niet gecompenseerd. Daarnaast is de compensatie beperkt tot het bedrag van het brutoloon dat is betaald tijdens de ziekte van de werknemer.

Let op, de aanvraag voor de compensatie moet tijdig worden ingediend bij UWV voorzien van de benodigde bewijsstukken (arbeidsovereenkomst, re-integratiedossier, ontslagtoestemming van UWV/ontbindingsbeschikking/beëindigingsovereenkomst, berekening transitievergoeding, de eindafrekening en de kosten van loondoorbetaling tijdens ziekte/loonstroken en het betaalbewijs waaruit blijkt dat de transitievergoeding is betaald). Er geldt een termijn van zes maanden nadat de transitievergoeding (volledig) is betaald.

De compensatieregeling heeft ervoor gezorgd dat werkgevers eerder tot een ontslag na twee jaar ziekte overgaan. Daarnaast heeft de compensatieregeling met hulp van de Hoge Raad aan werknemers een dwangmiddel in handen gegeven om tot het beëindigen van het dienstverband en het betalen van de transitievergoeding over te gaan. Voorheen kon de werknemer alleen onderhandelen over een beëindiging met wederzijds goedvinden. Als hij zelf ontslag nam kreeg hij immers geen transitievergoeding en geen uitkering, omdat hij dan verwijtbaar werkloos zou zijn geraakt. Sinds 8 november 2019 kan de werknemer echter de werkgever verzoeken de arbeidsovereenkomst te beëindigen onder toekenning van de transitievergoeding én is de werkgever in beginsel gehouden om met zo’n verzoek in te stemmen. Meer hierover kunt u lezen in mijn blog: Slapende dienstverbanden wakker geschud.


Isis Henriquez-van de Wetering